Diagnose

De vaststelling dat het een sarcoom betreft vaak pas in een later stadium
Een sarcoom gedraagt zich in het begin vaak als een sluipend roofdier, je hoort en ziet het niet aankomen. De eerste stadia van de ziekte zijn in het begin dan ook moeilijk op te sporen. Maar als de kankercellen van pijnloze zwellinkjes uitgroeien tot drukkende massa’s op de spieren of zenuwen dan ga je wel pijn voelen. Ga dus bijvoorbeeld bij de ontdekking van een bult in je lichaam, of bloed in de ontlasting, of buikpijn, of andere pijn, altijd naar je huisarts. Bedenk echter wel dat sarcomen zo zeldzaam zijn dat een huisarts in al zijn praktijkjaren zelden een sarcoom zal zien. Ga bij aanhoudende symptomen terug naar de huisarts en vraag om verder onderzoek.

Een voorbeeld hoe het eventueel kan gaan bij een botsarcoom
Bij een groter groeiende bult of zwelling bij het bot zal de huisarts doorverwijzen naar het ziekenhuis. Vaak is dat voor een echo (een beeldvormend onderzoek waarbij gebruik wordt gemaakt van radiogolven). Als dat geen uitkomst geeft zal de huisarts je wellicht doorverwijzen naar een orthopedisch chirurg, die op zijn beurt een afspraak maakt voor bijvoorbeeld een MRI (Magnetic Resonance Imaging, beeldvormend onderzoek met behulp van grote magneten). Wijst dat onderzoek uit dat het een sarcoom betreft, dan zal een goede arts je doorverwijzen naar een in sarcomen-gespecialiseerd behandelcentrum.

De diagnose begrijpen
Als je informatie zoekt is het belangrijk de volgende basisgegevens te weten:

  • Subtype
    De specifieke naam van het botsarcoom of het wekedelensarcoom
  • Gradatie
    De mate van agressiviteit van de tumor, bijvoorbeeld laaggradig, hooggradig
  • Stadium
    Indien reeds bekend hoe ver de ziekte gevorderd is (dit is afhankelijk van het klinische onderzoek en de uitslagen van bijvoorbeeld een CT- of MRI-scan)
  • Na de operatie
    Zijn de snijranden van de tumor vrij van tumorcellen of zitten er nog resten van kankercellen in?